coördinatieoefeningen
Coördinatieoefeningen met bal.
| oefening | beschrijving |
|---|---|
| vangen met één hand, met twee handen. Speler met de rug naar de trainer die een bal over de speler gooit. |
|
| met twee handen vangen, maar ook met één hand (wel rechts en links afwisselend). Of met beperking: hand op de rug. |
|
| diverse vormen vangen via een stuit. | |
| met 2 ballen gooien en vangen, steeds hoger. Kruislings vangen. Andere opdrachten er bij betrekken. Werken met verschillende soorten ballen. |
|
| Werken in tweetallen met 2 of 3 ballen. |
